Mozaiek voorganger Emiel Hop bezoekt Kenia en Tanzania

Eind mei bezoekt Emiel Hop, voorganger van Mozaiek033, op uitnodiging van Compassion en de 4e Musketier een aantal projecten in Kenia en Tanzania. Hij start de reis met een bezoek aan een Compassion-project in een sloppenwijk in Nairobi: Death Valley. Dit is de meest beruchte sloppenwijk van Kenia, op 1,5 m2 wonen 200.000 mensen.

Dit bericht is geplaatst op 30-06-2022

“Hier ontmoet ik Salomon en zijn dochtertje Patricia. Zij is één van de kinderen in het Compassion-sponsorproject in de wijk. Ze kan hierdoor één dag per week naar het project waar ze les, een voedzame maaltijd, zorg en aandacht krijgt.  Salomon werkt als bouwer. Als ik vraag of hij deze week werk heeft zegt hij nee. ‘En volgende maand ook niet’. We stappen binnen in zijn hutje van golfplaten van 3 bij 4 meter. Het ruikt naar schimmel. Het heeft deze week geregend en in het dak zitten gaten. De bank ligt vol met onrijpe avocado’s. Die verkoopt zijn vrouw als ze rijp zijn voor 8 cent per stuk. In het stapelbed slapen de drie kinderen van het gezin in het bovenste bed en de ouders in het andere bed. Er is geen toilet in huis, wel is er 50 meter verderop een gemeenschappelijke toiletruimte. Maar ‘s nachts ga je de deur niet uit. Bendes nemen het over als het donker wordt om 19.00 uur.  ‘Dan kun je echt niet meer buiten zijn’, vertelt Salomon. ‘Dus dan doen we onze behoeften in een plastic zakje en gooien het naar buiten’. 

ARMOEDE ONTVLUCHTEN
Kenianen die hun armoede proberen te ontworstelen trekken met niets naar de grote stad. Veel mensen uit het Noorden van Kenia maken deze reis ook. En bijna zonder uitzondering komen deze mensen – vaak gezinnen – terecht in deze sloppenwijken waar er extreme armoede heerst en veel criminaliteit. Wat een kansloze plek! Ik voel me gemotiveerd om juist het Noorden van Kenia te laten weten dat er daar herstel nodig is, want op deze donkere plek wil je toch juist niet zijn!”

Midden in deze sloppenwijk bevindt zich het terrein van de kerk. 30 jaar geleden is hier een Compassion-project gestart. Stap voor stap is de kerk en de infrastructuur hier opgebouwd. 

“Tijdens een rondleiding langs de klaslokalen worden we enthousiast begroet door honderden kinderen uit de sloppenwijk. We bezoeken een naaiatelier, de kappersopleiding en een computercursus waar kinderen leren werken met onder andere Word en Excel.  Wat is het gaaf om zo een inkijkje te krijgen in dit Compassion-project en ook te zien dat het echt werkt. 

GODS OPDRACHT
Pastor Joël, is de voorganger van deze gemeente. Hij is hier geboren en heeft 30 jaar geleden zijn bediening opgepakt. In zijn kleine kantoortje staan een paar stoelen, een tafel met een Bijbel en drie studieboekjes en een koelkast. Verder is de ruimte helemaal leeg. Omdat er niet altijd stroom is, knippert de lamp constant. Als we hem vragen hoeveel procent van de mannen hier in de criminaliteit terecht komt, reageert hij met een verbaasde blik: ‘100 %, iedereen. Of ze moeten Jezus leren kennen.  Alle families hier hebben dezelfde uitdagingen, waarvan het meest primair: zorgen voor genoeg eten en bescherming tegen geweld en misbruik. De meeste meiden zijn op hun 30e allemaal oma. Maar je ziet ook al veel oma’s van 25. Soms zijn de jonge meisjes nog maar 11 jaar oud als ze zwanger zijn’.  Bij iedere volgende vraag geeft de pastor een korter antwoord en stuurt hij zijn antwoord naar iets positiefs: ‘Wisten jullie dat deze maand 7 mensen uit de wijk zijn afgestudeerd en nu verder gaan studeren’, zegt hij met een grote glimlach. Hij vertelt dat uit deze kerk de afgelopen 30 jaar minstens 1.500 nieuwe kleine en grote kerken in het land zijn voortgekomen, ook in het Noorden van Kenia. Wauw!

'Maar hoe houdt u dit vol' vragen we, 'zoveel gebrokenheid'? ‘Het is eigenlijk heel simpel, gehoorzaamheid geven aan Gods opdracht’ zegt Joël.  We hebben geen andere keus dan voor deze mensen te zorgen:

You bury the ones who die…  
You take care… 
You give everything… 
You just breathe … 
And walk … and walk… and walk …’

Ik heb tijd nodig om dit gesprek en deze ervaring een plek te geven. Maar wat kunnen wij als kerk veel van deze houding leren! Lopen jullie ook mee? Met deze bevlogen mensen in Kenia en jullie gebed, brieven en support blijven we hoop brengen op vergeten plekken!”